De tekst die in deze ‘longread’ zal worden gepubliceerd zal een herziene en wat uitgebreide versie zijn van een lezing die ik in 2018 gaf in Elckerlyk, Antwerpen. Mijn opzet toen en nu blijven onveranderd: argumenten aandragen die aantonen dat Spinoza, lenzenslijper-filosoof, diep geïmpregneerd was door het barok levensgevoel van zijn tijd. De zeventiende eeuw is voor Europa én de wereld een fundamentele eeuw die meer dan andere onontbeerlijk is om onze tijd te begrijpen: toen werd de basis gelegd voor de doorbraak van wat we nu de ‘exacte wetenschappen’ noemen, toen werden op diverse vlakken de eerste stappen gezet om zich te bevrijden van de religieuze dominantie van het christendom, toen zette de globalisering van de wereld zich door waarvan de eerste impulsen dateren uit de 15de en de 16de eeuw, de eeuwen van de grote Europese aardrijkskundige ontdekkingen, om het bij deze drie fundamentele kenmerken van onze eigen tijd te laten.
Vrij laat, in de eerste helft van de 20ste eeuw, zijn historici tot de slotsom gekomen dat een geschiedenis van pausen, keizers en koningen een onvolledig en vooral vertekend beeld geeft van het verleden. Er ontstond in de jaren dertig van vorige eeuw in de Franse historische school Les Annales (o.a. Lucien Fèbvre, (overl. 1956) een nieuwe discipline die ‘mentaliteitsgeschiedenis (histoire desmentalités) werd genoemd.
Mentaliteits-historici onderzoeken hoe bepaalde groepen, als burgers, soldaten, religieuzen, opvoeders, schoolmannen e.a. dachten over leven en dood, over religie en opvoeding, over huwelijk en gezin e.d. Mentaliteiten wijzigen zich niet snel en daarom worden ze bestudeerd in de longue durée (Fernand Braudel), d.w.z. over een langere tijdspanne, die vaak meer dan één eeuw beslaat.
De mentaliteitsgeschiedenis heeft de laatste eeuw geleid tot vele nieuwe historische inzichten in ons Europees verleden. Een voorloper te onzent van die nieuwe discipline was de grote Nederlandse historicus Johan Huizinga (overl. 1945) die met zijn Herfstij der Middeleeuwen, een onvergankelijk historisch meesterwerk schreef.
In dit essay dat betrekking heeft op het tijdvak 1600-1750, beschouwen we een aantal elementen die kenmerkend zijn voor de tijdsgeest van die periode en die, gebruikelijk, als ‘barok’ wordt aangeduid. Inhoudstafel van dit essay, een veertigtal bladzijden, zal in afleveringen gepubliceerd.
Lier, februari 2026
INHOUDSTAFEL
TEN GELEIDE
1 INLEIDING De 17de eeuw en de Verenigde Republiek
2 DE BAROK 2.1 Barok, naam en afbakening in tijd en ruimte 2.2 Barok is meer dan een kunstrichting
3 ACHT BAROKKENMERKEN IN DE PERSOON VAN SPINOZA 3.3.1 Gebarsten wereldbeeld Gebarsten wereldbeeld Spinoza’s geloofscrisis
3.3.2 Vroomheidsbewegingen Vroomheid als spiritueel ideaal Spinoza en ethiek
3.3.3 Fascinatie voor licht Licht als barokelement Licht in het leven van Spinoza
3.3.4 Mechanica en automaten Hang naar beweging Spinoza’s mechanisch wereldbeeld
3.3.5 Levensvreugde Levenslust, lijden en dood Spinoza en blijheid
3..3.6 Posthumanisme Mythologie en stoïcisme Spinoza, de laatste stoïcijn